Home / Kennisbank / Voeding / Overproductie van borstvoeding: wat je kunt doen, en of je een baby kunt overvoeden
VoedingOverproductie van borstvoeding: wat je kunt doen, en of je een baby kunt overvoeden
Het is kwart over zeven ’s avonds. Je baby drinkt gulzig, verslikt zich en laat de borst los, en de melk loopt gewoon door. Tegen het einde van de voeding is je shirt nat.
En jij vraagt je af of dit te veel is, en of je iets verkeerd doet.
Een baby die aan de borst drinkt, regelt zelf hoeveel hij binnenkrijgt. Baby’s worden geboren met een gevoel voor honger en verzadiging: zit je baby vol, dan stopt hij met drinken. Zo beschrijft het Voedingscentrum het.
En te veel melk hebben is een bekend probleem, met concrete stappen die vaak helpen. Bij veel ouders wordt het na de eerste weken vanzelf rustiger, doordat de aanmaak zich instelt op wat je baby drinkt.
Hieronder staat hoe je ziet dat het gewoon goed gaat, wat je bij te veel melk kunt proberen en wanneer je belt. Wat er bij jou precies speelt, stelt dit artikel niet vast. Heb je koorts, pijn of een harde, rode plek in je borst, bel dan dezelfde dag de huisarts of je verloskundige.
In het kort
- Een baby die aan de borst drinkt, regelt zelf hoeveel hij binnenkrijgt; overvoeden gebeurt zo niet snel.
- Vaak willen drinken is geen teken van te veel: sommige baby’s willen ook gewoon dicht bij je zijn en sabbelen.
- Heb je te veel melk, dan kun je vóór de voeding met de hand een beetje afkolven en rechtop of achteroverleunend voeden.
- Extra kolven om verlichting te voelen werkt meestal averechts: het vraagt je lichaam om nog meer melk te maken.
- Blijft het lastig, dan kan een lactatiekundige meekijken; bij koorts of een dikke, warme, pijnlijke borst bel je direct de huisarts.
Kun je een baby overvoeden met borstvoeding?
Aan de borst kun je een baby niet zomaar te veel geven. Je baby voelt zelf aan wanneer hij vol zit en stopt dan met drinken.
De aanmaak beweegt bovendien mee: hoe vaker en langer je baby drinkt, hoe meer melk je lichaam maakt, en andersom.
Dat je baby vaak wil drinken, zegt dus niet dat hij te veel binnenkrijgt. In de eerste weken is 8 tot 12 keer per etmaal heel gewoon, en vaker komt ook voor.
Een baby zoekt de borst ook niet alleen op uit honger. Soms wil hij gewoon dicht bij je zijn en sabbelen; dat heet zuigbehoefte, en ook dat is een gewone reden om aan te leggen.
Hoe je hongersignalen herkent en wanneer je baby genoeg heeft, staat in voeden op verzoek.
Twijfel je of het bij jullie klopt, dan is het consultatiebureau er om mee te kijken naar de luiers en de groei. Die twijfel hoef je niet eerst zelf op te lossen.
Verslikken, happen en spugen als de melk hard stroomt
Het moment waarop de melk begint te stromen heet de toeschietreflex. Bij sommige ouders komt de melk dan zo snel dat hij aan het begin van de voeding spuit of hard doorloopt.
Je baby kan daarop reageren door gulzig te drinken, zich te verslikken, los te laten of lucht te happen. Na de voeding kan hij een mondje melk teruggeven.
Dat kan passen bij melk die hard stroomt, en het bewijst niet dat er iets mis is. Een beetje spugen na het drinken is normaal en komt bij veel baby’s voor, ook wanneer er met de melk niets bijzonders aan de hand is.
Spuugt je baby veel, of huilt hij veel na de voeding, kijk dan bij spugen en krampjes.
Hoe je ziet dat het gewoon goed gaat
Hoe wild een voeding eruitziet, zegt weinig over hoeveel je baby binnenkrijgt. De luiers en de groei vertellen meer.
In de eerste weken zijn ongeveer zes natte luiers en twee tot vijf poepluiers per etmaal een teken dat er genoeg binnenkomt. Hoeveel luiers gebruikelijk zijn, staat in wat de luiers laten zien.
De groei wordt op het consultatiebureau beoordeeld over langere tijd, in de curve, en niet per losse voeding. Hoe dat werkt, staat in hoe de groeicurve wordt gelezen.
Drinkt je baby wild, maar plast hij goed en groeit hij mee met zijn eigen lijn, dan gaat het met de hoeveelheid meestal gewoon goed.
Wat is overproductie?
Overproductie betekent dat je langere tijd duidelijk meer melk maakt dan je baby drinkt.
Wat ouders daarbij kunnen merken: borsten die kort na een voeding alweer vol en gespannen voelen, melk die lekt of spuit, en een baby die zich vaak verslikt tijdens het drinken.
Volle, gespannen borsten in de eerste dagen na de bevalling zijn vaak iets anders. Dan komt de melkproductie op gang en kunnen je borsten tijdelijk hard en gevoelig zijn; dat heet stuwing.
Je hoeft dat onderscheid niet zelf te maken. De verloskundige, de kraamzorg of een lactatiekundige kan meekijken en zegt je wat er speelt.
Hoe de aanmaak van melk zich instelt
De aanmaak van moedermelk werkt met vraag en aanbod. Elke keer dat je baby drinkt, krijgt je lichaam het signaal dat er melk nodig is; hoe meer eruit gaat, hoe meer erbij wordt gemaakt. Gaat er minder uit, dan neemt de aanmaak langzaam af.
In de eerste week na de bevalling maak je steeds meer melk, en in de weken daarna is de aanmaak zich nog aan het instellen op wat jouw baby vraagt. Na die eerste periode maakt je lichaam meestal ongeveer genoeg voor je baby, al duurt het inregelen bij de een langer dan bij de ander.
Daarom hebben sommige ouders vooral in de eerste weken te veel borstvoeding, en merken ze daarna dat de voedingen rustiger verlopen zonder dat hun baby minder krijgt.
Voelen je borsten na een paar weken minder gespannen, dan betekent dat dus niet vanzelf dat de melk opraakt. Vaak past de aanmaak dan bij wat je baby drinkt; de luiers en de groei laten zien of dat klopt.
Meer over dit mechanisme staat in hoe de aanmaak van melk werkt.
Wat je zelf kunt proberen bij te veel melk
Blijf in de eerste plaats voeden op de momenten dat je baby daarom vraagt. Vaak en lang genoeg laten drinken houdt de borst comfortabel; voedingen uitstellen kan de borst juist voller maken.
Het Voedingscentrum raadt bij een hoge melkproductie aan om zo nodig vóór de voeding met de hand een klein beetje af te kolven. De ergste spanning is er dan af, de borst wordt iets zachter en aanhappen gaat makkelijker.
Dit verschilt per ouder en per moment. De tabel geeft een richting, geen norm.
| Wat er gebeurt | Wat je kunt proberen |
|---|---|
| De melk stroomt in het begin hard en je baby verslikt zich | Kolf vóór de voeding met de hand een klein beetje af |
| Je baby drinkt gulzig en hapt lucht | Voed rechtop, of achteroverleunend met zijn buik op jouw buik |
| Je borsten voelen na de voeding gespannen | Een koude doek kan verlichting geven; haal hem een half uur voor de volgende voeding weer weg |
Bij rechtop voeden houd je je baby zittend tegen je aan. Bij achteroverleunend voeden lig je zelf half achterover, met je baby op je buik; hoe die houdingen werken, staat in liggend of achteroverleunend voeden.
Lekt er veel melk, houd je borsten dan droog en vervang zoogkompressen regelmatig.
Het helpt om een paar dagen bij te houden hoe de voedingen lopen, bijvoorbeeld met voedingen bijhouden in een app. ‘De laatste drie dagen verslikt hij zich bij elke avondvoeding’ is voor een lactatiekundige bruikbaarder dan ‘het gaat steeds mis’.
Waarom extra kolven meestal averechts werkt
Kolven voelt bij volle borsten als de logische oplossing, en op korte termijn geeft het ook verlichting.
Voor je lichaam telt kolven alleen gewoon als vraag naar melk. Leeg je de borst met een kolf, dan is het signaal: er is meer melk nodig. Wie voor de verlichting flink kolft, houdt de overproductie daarmee meestal in stand.
Een klein beetje afkolven tot het comfortabel voelt, is iets anders dan de borst helemaal legen. Bij een klein beetje blijft het signaal om meer te maken beperkt.
Wil je de overproductie verminderen, bespreek dat dan met een lactatiekundige voordat je zelf met kolfmomenten gaat schuiven. Wat de opbrengst van een kolfsessie wel en niet zegt, staat in hoeveel je per keer kolft.
Eén borst per voeding, of blokvoeden: overleg eerst met een lactatiekundige
Wie zoekt op te veel melk, komt al snel adviezen tegen over voeden met één borst per voeding, of over blokvoeden: langere tijd steeds dezelfde borst aanbieden om de aanmaak te remmen.
Die aanpak bestaat, en een lactatiekundige kan hem voorstellen en op jullie situatie afstemmen. De Nederlandse publieke bronnen geven er geen schema voor; te snel of te streng remmen luistert nauw en kan juist klachten geven.
Begin er daarom niet op eigen houtje aan. Maak je te veel melk aan, dan kun je daarover advies vragen aan een lactatiekundige; die kijkt mee met een hele voeding en stemt de stappen af op jullie situatie.
Wat er kan gebeuren als de borst te vol blijft
Kan de melk in je borst niet goed doorstromen, bijvoorbeeld doordat een melkbuisje dichtzit, dan kan een borstontsteking ontstaan. Zo beschrijft Thuisarts.nl het.
Bij een borstontsteking doet je borst pijn en is hij dikker en warmer. Soms voel je een bult, en je kunt je ziek voelen en koorts krijgen.
Dit is de reden om klachten niet te laten sudderen. Een borst die na de voedingen hard en pijnlijk blijft, bespreek je dezelfde week; bij koorts bel je direct.
Meer over volle borsten en pijnlijke plekken staat in harde plekken en stuwing.
Wanneer neem je contact op, en met wie
De meeste vragen over te veel melk zijn geen spoed. Er zijn wel klachten waarmee je direct belt.
Praat erover, deze week: het voeden blijft onprettig of chaotisch verlopen, je twijfelt of je baby genoeg of juist te veel binnenkrijgt, of je overweegt de productie te remmen. Bel dan het consultatiebureau of een lactatiekundige.
Bel direct de huisarts, buiten kantooruren de huisartsenspoedpost: je borst wordt dik en warm en doet pijn, je krijgt opeens koorts terwijl je borstvoeding geeft, of je voelt je ziek en koortsig. Deze signalen staan zo op Thuisarts.nl.
Voor je baby geldt daarnaast: heeft hij langer dan twaalf uur geen natte luier gehad, bel dan dezelfde dag de huisarts.
En bellen mag ook wanneer je het simpelweg niet vertrouwt. Je hoeft niet eerst zelf vast te stellen wat er precies aan de hand is voordat je om hulp mag vragen.
Sommige baby’s hebben andere afspraken
Is je baby te vroeg geboren, had hij een laag geboortegewicht of is er een aandoening bekend, dan kunnen er eigen afspraken gelden over hoe vaak en hoeveel er wordt gedronken.
Volg dan altijd het advies dat jullie van de verloskundige, kinderarts of het consultatiebureau hebben gekregen, ook wanneer dat afwijkt van wat hier staat.
Bij een te vroeg geboren baby wordt bovendien vaak gerekend met de gecorrigeerde leeftijd bij een vroeggeboorte.
Vergeet jezelf niet
Te veel melk klinkt als een luxeprobleem, en zo voelt het meestal niet. Doorweekte shirts, een voeding die in gezelschap onhandig wordt, en ondertussen de gedachte dat je lichaam het verkeerd doet.
Dat laatste klopt niet. Je lichaam doet juist veel; het is alleen nog niet ingespeeld op wat jouw baby vraagt. Overproductie zegt niets over hoe je het doet.
Praktisch helpt het om reservekleding of een doekje binnen handbereik te hebben, en om een rustige plek te zoeken voor de voeding als het verslikken je spanning geeft.
Kijk ook wat je kunt delen. Je partner kan je baby na de voeding overnemen en verschonen, zodat jij even op adem komt.
In de app: voeding bijhouden · luiers bijhouden
Bronnen en verantwoording
- Thuisarts.nl (NHG), “Ik geef borstvoeding en heb een probleem”, “Ik geef borstvoeding en heb borstontsteking”, “Ik wil borstvoeding geven” en “Hoe zorg ik dat mijn kind niet uitdroogt?”
- Voedingscentrum, “Borstvoedingsongemakken en wat je eraan kunt doen” en “Hoeveel borstvoeding heeft mijn baby nodig?”
- GroeiGids, “Aantal voedingen bij borstvoeding” en “Als borstvoeding niet goed gaat” (geraadpleegd september 2026)
De adviezen bij te veel melk komen van Thuisarts.nl en het Voedingscentrum: vaak en lang genoeg laten drinken, zo nodig vooraf met de hand een beetje afkolven, rechtop of liggend voeden en een koude doek na de voeding.
De beschrijving van vraag en aanbod en van baby’s die zelf regelen hoeveel ze drinken komt van de borstvoedingspagina’s van dezelfde bronnen en van de GroeiGids. De belgrens van twaalf uur zonder natte luier staat op de pagina over uitdrogen bij kinderen.
Gecontroleerd op 5 september 2026. De redactie van BabyTracker loopt elk artikel na bij de bronnen hierboven en past de tekst aan als een richtlijn verandert.
Dit artikel is algemene informatie en geen medisch advies. Het advies van je consultatiebureau, verloskundige of huisarts gaat altijd voor. Twijfel je over de gezondheid van je baby, neem dan contact op met het consultatiebureau of je huisarts.
Veelgestelde vragen
Kan ik mijn baby overvoeden met borstvoeding?
Aan de borst regelt je baby zelf hoeveel hij drinkt: hij voelt aan wanneer hij vol zit en stopt dan. Vaak willen drinken is gewoon, ook omdat sommige baby's graag sabbelen en dicht bij je willen zijn. Twijfel je, dan kijkt het consultatiebureau mee naar de luiers en de groei.
Wat kan ik doen bij overproductie van borstvoeding?
Je kunt vóór de voeding met de hand een klein beetje afkolven, zodat de borst zachter wordt en aanhappen makkelijker gaat. Voed rechtop of achteroverleunend, en leg na de voeding een koude doek op de borst. Blijft het lastig, dan kan een lactatiekundige meekijken.
Mag ik blokvoeden om mijn overproductie te verminderen?
Blokvoeden is een aanpak om de aanmaak te remmen die je het beste samen met een lactatiekundige afstemt. De Nederlandse publieke bronnen geven er geen schema voor, en te streng remmen kan juist klachten geven. Begin er daarom niet op eigen houtje aan.
Mijn baby verslikt zich en spuugt na de voeding. Komt dat door te veel melk?
Het kan passen bij melk die hard stroomt, maar spugen komt bij veel baby's voor en de oorzaak is niet op afstand vast te stellen. Houdt het aan of maak je je zorgen, bel dan het consultatiebureau.
Gaat overproductie vanzelf over?
In de eerste week na de bevalling maak je steeds meer melk, en daarna maakt je lichaam meestal precies genoeg voor je baby. Bij veel ouders wordt te veel melk in de loop van de weken dus vanzelf minder. Houdt het aan, dan kan een lactatiekundige meekijken.
Wanneer bel ik de huisarts?
Bel direct wanneer je borst dik en warm wordt en pijn doet, wanneer je opeens koorts krijgt terwijl je borstvoeding geeft, of wanneer je je ziek en koortsig voelt. En vertrouw je het niet, dan is dat op zichzelf al een reden om te bellen.
BabyTracker op je telefoon
€ 4,99je betaalt één keer, voor iedereen in je gezin
Je betaalt de app één keer af in de App Store of Google Play, en daarmee heb je alles: elke functie zit er meteen in, en updates die er later bij komen ook. Je partner en de rest van je gezin betalen niets.
Voor iPhone en Android, in de App Store en Google Play.