Wat de app kan
Menu
Je betaalt één keer € 4,99 76 functies in de app Jullie gegevens blijven veilig Zes mensen in één account, met rechten per persoon Hulp per mail, vaak binnen een dag

Home / Kennisbank / Slapen / Wanneer slaapt een baby door? Wat de cijfers laten zien

Slapen

Wanneer slaapt een baby door? Wat de cijfers laten zien

Door de redactie van BabyTracker · Bijgewerkt op 27 augustus 2026

Het is kwart over twee ’s nachts en je staat voor de derde keer naast het bedje. Ergens las je dat een baby van deze leeftijd ’s nachts wel doorslaapt, en jullie nacht lijkt daar niet op.

Doorslapen wordt omschreven als ononderbroken slapen tussen middernacht en zes uur ’s ochtends. Een leeftijd waarop dat gebeurt, is er niet bij te geven: op drie maanden worden baby’s gemiddeld 2,2 keer per nacht wakker, met een spreiding van nul tot vijftien keer.

Hieronder staan de cijfers per leeftijd, waarom baby’s zo vaak wakker worden, wat je kunt proberen, en bij welke signalen je belt.

In het kort

  • Doorslapen betekent: ononderbroken slapen tussen middernacht en zes uur.
  • Een babyslaapcyclus duurt 45 minuten, en tussen twee cycli wordt iedereen kort wakker.
  • Op drie maanden worden baby’s gemiddeld 2,2 keer per nacht wakker, op zes maanden 2,5.
  • De spreiding loopt op beide leeftijden van nul tot vijftien keer per nacht.
  • Bel het consultatiebureau bij een plotselinge verandering, en de huisarts bij koorts of sufheid.

Wat je ’s nachts merkt

Niet elk wakker moment klinkt hetzelfde. Een deel begint met gedraai, gepruttel en wat geluidjes, waarna je baby vanzelf verder slaapt. In de actieve slaapfase bewegen baby’s, maken ze geluid en lijken ze soms bijna wakker, en daardoor is het lastig te horen of ze al uitgeslapen zijn.

Verder valt vaak op dat je baby aan het begin van de nacht dieper slaapt dan aan het eind. Dat klopt met de opbouw van de slaap: aan het begin van de nacht zit er meer diepe slaap in een cyclus, aan het eind meer lichte slaap.

En dan is er de terugval: drie weken waarin het goed gaat, en dan ineens weer om twee uur klaarwakker. Dat komt veel voor en zegt niets over wat je de weken ervoor deed.

Wordt je baby wakker van een doorgelekte luier, kijk dan bij de luier lekt door in de nacht.

Wat gebruikelijk is, in cijfers

Dit verschilt sterk per kind. De tabel geeft een richting, geen norm. De getallen staan in tabel 1 van de JGZ-richtlijn Slaap; het zijn gemiddelden, met tussen haakjes de spreiding die daar wordt vermeld.

LeeftijdKeren wakker per nachtSlaap per etmaal
3 maanden2,2 (0 tot 15)14,6 uur (6 tot 22)
6 maanden2,5 (0 tot 15)15 uur (6 tot 21)
8 maanden2,4 (0 tot 21,5)13,3 uur (8 tot 21)
12 maanden1,8 (0 tot 13,5)12,8 uur (6,5 tot 16)
18 maanden1,1 (0 tot 11)12,3 uur (8 tot 16)
2 jaar0,9 (0 tot 6)13,4 uur (6,4 tot 19)

Twee dingen vallen op. Het gemiddelde daalt niet tussen drie en zes maanden, het gaat licht omhoog, van 2,2 naar 2,5 keer per nacht. Pas daarna loopt het terug: 1,8 keer op twaalf maanden en 0,9 keer op twee jaar.

En de spreiding is groter dan het gemiddelde. Op zowel drie als zes maanden loopt het aantal wakkere momenten van nul tot vijftien per nacht. Twee gezonde baby’s van dezelfde leeftijd kunnen dus ver uit elkaar liggen.

Nog twee getallen. In een Fins onderzoek sliep de meerderheid van de baby’s op drie maanden nog niet door en viel de helft nog niet in slaap zonder een ouder erbij; in dat onderzoek wordt doorslapen ook omschreven als slapen tussen middernacht en zes uur. En van de ouders van baby’s tot zes maanden noemt 26 van de 100 het slapen een probleem; tussen 12 en 24 maanden is dat 27 van de 100. Hoeveel uur slaap er per leeftijd gebruikelijk is, staat in hoeveel een baby per leeftijd slaapt.

Waarom een baby zo vaak wakker wordt

Je baby wordt om twee uur wakker. Dat komt doordat een slaapcyclus kort is. Bij een baby duurt die 45 minuten; pas rond vijf jaar is een cyclus ongeveer anderhalf uur, zoals bij jou.

Tussen twee cycli worden kinderen en volwassenen enkele keren per nacht kort wakker, zonder dat ze het meestal merken. Jij draait om en slaapt verder. Je baby doorloopt in dezelfde nacht meer cycli dan jij, dus zulke momenten komen bij hem vaker langs.

Daarom gaat het advies hieronder niet over het wegnemen van die momenten, want ze zijn een gewoon onderdeel van de slaapopbouw. Het gaat over de vraag of je baby er zelf doorheen zakt. Waar en hoe je baby in slaap valt telt daarbij mee, want die plek is er om drie uur nog steeds.

Waarom een goede week weer kan stoppen

Je kunt bij een terugval meestal niet achterhalen waar hij vandaan komt, en dat is onbevredigend. Het woord slaapregressie is populair, maar het komt niet uit de richtlijn, en een vaste omslag op vier maanden is daarin niet beschreven.

De richtlijn beschrijft wel een geleidelijke verandering. Rond drie maanden ontstaan een dag-nachtpatroon en meer zelfregulatie, waardoor baby’s makkelijker inslapen en langer achter elkaar slapen, vooral ’s nachts. Rond zes maanden gaat de opbouw van de babyslaap geleidelijk over in die van oudere kinderen en worden de cycli langer.

Daarnaast zijn er omstandigheden die met slechter slapen samenhangen: veel prikkels vlak voor het slapengaan, een kamer die ’s avonds en ’s nachts niet donker of niet stil genoeg is, en een kamer warmer dan 25 graden. Dat zijn ook de dingen waar je zelf iets aan kunt doen.

Verder verandert er in deze maanden veel tegelijk: je baby leert rollen, zitten en kruipen, en is vaker verkouden. Meer daarover staat in groeispurten en onrust en in wat er rond vier maanden verandert.

Wat je overdag en ’s avonds kunt doen

De nacht begint bij de dag ervoor. Bij elk punt hieronder staat waarom het genoemd wordt, en ze staan op volgorde van de ochtend naar het moment van neerleggen. Hoe lang je baby tussen de slaapjes wakker kan zijn, staat in wakkertijden per leeftijd.

  • Ga overdag naar buiten, het liefst in de ochtend. Daglicht is de belangrijkste omgevingsfactor voor het dag-nachtritme, en tijd buiten helpt dat ritme te behouden. Hoe het ritme groeit, staat in het dag-nachtritme.
  • Houd het laatste uur rustig: minder licht, minder geluid, minder mensen. Overprikkeling vlak voor het slapengaan is een risicofactor voor latere bedtijden, langer wakker liggen en vaker ’s nachts wakker worden.
  • Houd elke avond dezelfde korte volgorde aan, bijvoorbeeld voeden, in bad en een boekje. Een vaste bedtijdroutine is een beschermende factor, en zulke routines werken bij baby’s en jonge kinderen vaak snel en goed.
  • Maak de slaapkamer ’s avonds en ’s nachts donker en stil, en niet warmer dan 25 graden. Overdag hoeft de kamer niet volledig verduisterd te zijn; juist het verschil tussen dag en nacht helpt het ritme op gang.
  • Houd de nacht saai: gedempt licht, weinig woorden, voeden en verschonen als het nodig is, en weer terug in bed.
  • Bouw wiegen en sussen geleidelijk af naarmate het slapen beter gaat, tot je baby slaperig maar wakker in bed ligt.

Slaperig maar wakker neerleggen, en waarom troosten geen stap terug is

Dat laatste punt valt vaak verkeerd, dus hier staat het uitgebreider. Leren slapen is een proces van oefenen: je helpt eerst actief mee met wiegen, sussen en zachtjes praten, en je bouwt die hulp af zodra het slapen beter gaat, tot je baby slaperig maar wakker in bed ligt.

Wie in jouw armen wegzakt en uren later alleen in bed bijna wakker wordt, treft een andere omgeving aan dan bij het inslapen. Wie in bed wegzakt, herkent datzelfde bed ook om drie uur ’s nachts.

Tegelijk kunnen jonge baby’s zichzelf nog niet reguleren en hebben ze de nabijheid van een ouder nodig om tot rust te komen. Troosten, wiegen en voeden tot slaap zijn dus geen fout. Lukt het vanavond niet, probeer het dan bij het eerste dutje van de ochtend. Huilt je baby zodra hij het bedje raakt, lees dan waarom een baby huilt bij het neerleggen.

Wat vaak niet helpt

Vijf dingen die veel geprobeerd worden, met wat er nu over bekend is.

  • Doorlopend geluid, zoals witte ruis, een stofzuiger of een ritje in de auto. Dit wordt afgeraden: er is geen overtuigend bewijs dat het helpt, er zijn aanwijzingen voor gehoorschade bij langdurige blootstelling, en baby’s kunnen het geluid nodig krijgen om in slaap te vallen.
  • Later naar bed brengen om de nacht te verlengen. Voor baby’s is dat geen beschreven aanpak; wat wel geldt, is dat de bedtijd wordt afgestemd op de slaapbehoefte en het eigen ritme van het kind, en dat veel prikkels vlak voor het slapengaan met slechter slapen samenhangen. Een oververmoeide baby lijkt vaak juist druk, dus laat je daardoor niet verleiden.
  • Elke week een andere aanpak. Juist het gelijk blijven van de routine hangt samen met minder slaapproblemen later; een nieuwe methode begint elke keer weer bij nul.
  • Je baby uit uitputting bij je in bed nemen zonder dat het bed daarop is ingericht. Ouders nemen hun baby als reactie op een slaapprobleem soms bij zich in bed of leggen hem op de buik, en dat kan een onveilige slaapplek opleveren. Wil je samen slapen, lees dan eerst de basisregels voor veilig slapen.
  • Je kind vergelijken met dat van een ander. Bij een spreiding van nul tot vijftien keer per nacht zegt één ander kind niets over dat van jou.

Nachtvoedingen tellen apart

In de eerste maanden zijn nachtvoedingen nodig: een kleine maag haalt de ochtend niet, en bij borstvoeding houden ze de melkproductie op gang. Hoe lang ze nodig blijven, verschilt sterk per kind, en er is geen leeftijd waarop ze ophouden.

Weeg jouw kant ook mee. Vier keer per nacht opstaan kan bij je baby passen en tegelijk te zwaar zijn voor jou. Dat tweede is een reden om op het consultatiebureau te bespreken wat er praktisch kan, van taakverdeling tot ritme.

Is je baby ouder en lijkt het drinken ’s nachts vooral gewoonte, dan kun je de nachtvoeding rustig afbouwen. Wat er per leeftijd gebruikelijk is aan voedingen, staat in het voedingsschema per leeftijd.

Als het niet werkt

Stel dat je een van de veranderingen hierboven doorvoert en de nacht wordt niet beter. Houd één verandering minstens een week vol voordat je erover oordeelt, en verander in die week niet ook nog iets anders. Anders weet je achteraf niet waar het aan lag. Omdat een week aan nachten achteraf door elkaar loopt, helpt het om ze kort te noteren, bijvoorbeeld met slaap bijhouden in een app, zodat je later terugziet hoe vaak je eruit moest en hoe laat dat was.

Voor het moment zelf helpt een vaste volgorde. Hoor je gedraai of gepruttel, wacht dan een halve minuut, want een deel stopt vanzelf. Zwelt het aan tot huilen, ga dan naar binnen, houd het licht laag en zeg zo min mogelijk. Voed en verschoon als dat nodig is, en leg je baby daarna terug.

Blijft het huilen na tien minuten hetzelfde en loopt het jou boven het hoofd, leg je baby dan veilig in bed, ga de kamer uit en kom na een paar minuten terug. Schudden mag nooit. In als het huilen jou te veel wordt staat hoe je dit vooraf regelt.

Zitten er na twee weken geen nachten bij die beter gaan, of kost het je meer dan je aankunt, maak dan een afspraak op het consultatiebureau. Dat is geen laatste redmiddel; slapen is daar een vast gespreksonderwerp.

Wanneer je contact opneemt

De meeste doorslaapvragen zijn geduldvragen. Toch zijn er drie momenten waarop je niet afwacht, elk met een eigen nummer.

  • Bespreek het op het consultatiebureau als het slapen jou te veel kost, als je baby na een rustige periode langer dan een week veel vaker wakker is, of als je twijfelt of het ritme past.
  • Maak een afspraak bij de huisarts als je baby snurkt met stokkende ademhaling, als de ademhaling in slaap anders klinkt dan je gewend bent, als je baby slecht drinkt of niet aankomt, of als het huilen ’s nachts anders klinkt dan anders.
  • Bel meteen de huisarts, of buiten kantooruren de huisartsenspoedpost, als je baby suf is, moeilijk wakker te krijgen, niet meer wil drinken of veel minder natte luiers heeft. Bij een baby jonger dan drie maanden bel je ook meteen bij koorts van 38 graden of hoger.
  • Bel 112 bij een levensbedreigende situatie, bijvoorbeeld als je baby niet goed ademt of niet reageert.

Daarnaast telt wat er al gold voordat dit begon. Is je baby te vroeg geboren, is er een bekende aandoening, of was er eerder een koortsstuip, bel dan eerder dan hierboven staat. De volledige lijst met alarmsignalen bij een ziek kind staat op Thuisarts.nl. Voor koorts staat het in wanneer je belt bij koorts.

Hoe het met jou gaat

Maandenlang slaaptekort is iets anders dan een paar korte nachten. Hierboven stond dat 26 van de 100 ouders van baby’s tot zes maanden het slapen een probleem noemt; je bent hierin dus niet de uitzondering.

Ouders van kinderen met slaapproblemen hebben een grotere kans op een postnatale depressie en op een slechtere lichamelijke en geestelijke gezondheid, en er zijn vaker conflicten tussen partners. Dat staat er niet om je ongerust te maken, maar omdat het een reden is om er iets aan te doen voordat het verder oploopt.

Wat concreet helpt: spreek voor een week vooruit af wie welke helft van de nacht doet, in plaats van het per nacht te regelen. Vraag iemand om twee ochtenden per week over te nemen zodat je kunt bijslapen. En noem het op het consultatiebureau, ook als met je baby alles in orde is. Uitputting is daar een geldige reden om te komen.

De nacht zien groeien

In BabyTracker zie je bij Inzicht de langste aaneengesloten slaap per nacht. Groeit het eerste blok van drie naar vijf uur, dan zie je dat zwart op wit, ook in een week die zwaar voelde. En zit je in een terugval, dan laat het patroon zien dat de vorige er ook weer uitging.

Bekijk baby slaap bijhouden

De slaapgrafiek in BabyTracker met de slaap per dag en de langste aaneengesloten slaap
De langste aaneengesloten slaap per nacht, week na week.

Bronnen en verantwoording

  • JGZ-richtlijn Slaap (NCJ, 2026), hoofdstukken 2.3, 2.4, 2.6.1, 2.6.3, 2.8, 3.2, 5.3 en 5.5.1
  • Thuisarts.nl (NHG), Mijn kind heeft koorts (beide geraadpleegd augustus 2026)

De cijfers en adviezen in dit artikel komen uit de JGZ-richtlijn Slaap van het NCJ (2026), hoofdstukken 2.3, 2.4, 2.6.1, 2.6.3, 2.8, 3.2, 5.3 en 5.5.1. Die richtlijn verscheen in mei 2026 en heette eerder Gezonde slaap en slaapproblemen bij kinderen. De grens van 38 graden en het meteen bellen bij een baby jonger dan drie maanden komen van Thuisarts.nl. Beide zijn geraadpleegd in augustus 2026.

Deze tekst wordt opnieuw tegen de bronnen gelegd in augustus 2027, en eerder als een van de richtlijnen verandert.

Gecontroleerd op 27 augustus 2026. De redactie van BabyTracker loopt elk artikel na bij de bronnen hierboven en past de tekst aan als een richtlijn verandert.

Dit artikel is algemene informatie en geen medisch advies. Het advies van je consultatiebureau, verloskundige of huisarts gaat altijd voor. Twijfel je over de gezondheid van je baby, neem dan contact op met het consultatiebureau of je huisarts.

Veelgestelde vragen

Wanneer slaapt een baby door?

Daar is geen vaste leeftijd voor. In een Fins onderzoek sliep op drie maanden de meerderheid van de baby's nog niet door. Het gemiddelde aantal keren wakker per nacht loopt pas na het eerste half jaar duidelijk terug.

Wat telt bij een baby als doorslapen?

Dat is ononderbroken slapen tussen middernacht en zes uur 's ochtends, dus zes uur aaneen. Een voeding om half zeven valt daarbuiten en telt dus niet mee, ook al voelt jouw nacht niet als doorslapen.

Mijn baby van zes maanden wordt vaker wakker dan op drie maanden. Klopt dat?

Dat past bij de cijfers. Op drie maanden worden baby's gemiddeld 2,2 keer per nacht wakker en op zes maanden 2,5 keer, met bij beide leeftijden een spreiding van nul tot vijftien keer.

Helpt witte ruis om een baby door te laten slapen?

Doorlopend geluid wordt afgeraden. Er is geen overtuigend bewijs dat het helpt, er zijn aanwijzingen voor gehoorschade bij langdurige blootstelling, en baby's kunnen het geluid nodig krijgen om in slaap te vallen.

Helpt het om mijn baby later naar bed te brengen?

Voor baby's is dat geen beschreven aanpak. Wat wel geldt, is dat de bedtijd wordt afgestemd op de slaapbehoefte en het eigen ritme van je baby, en dat veel prikkels vlak voor het slapengaan met slechter slapen samenhangen.

BabyTracker op je telefoon

€ 4,99je betaalt één keer, voor iedereen in je gezin

Je betaalt de app één keer af in de App Store of Google Play, en daarmee heb je alles: elke functie zit er meteen in, en updates die er later bij komen ook. Je partner en de rest van je gezin betalen niets.

Voor iPhone en Android, in de App Store en Google Play.